Jezus toen en nu.

Er zijn cursus-leraren die stellen dat de Jezus van Een Cursus in Wonderen (ECIW) niet zoveel te maken heeft met de Jezus uit het Nieuwe Testament (NT) van de Bijbel. Ik meen dat dit een vergissing is. Waar ik wel in meega is de vaststelling dat mensen in de eeuwen na het leven van Jezus een draai hebben gegeven aan de Bijbel die niet behulpzaam is. Helaas heeft de kerk hierin een rol gespeeld waardoor veel cursusstudenten nu een aversie hebben tegen alles wat met de kerk en met het christelijk geloof te maken heeft. Overigens zijn er ook bekende cursusleraren die juist wijzen op de continuïteit tussen NT en ECIW zoals Robert Perry van The Circle of Atonement. Maar dit terzijde.

Gisteren en vandaag beluisterde ik bijgevoegde podcast waarin Prof. Geurt Henk van Kooten zijn visie geeft op de betrouwbaarheid van de bronnen van de evangeliën waarin het leven van Jezus beschreven wordt. Ik wil je niet ervan overtuigen om deze hele video te bekijken want ik besef dat mijn interesse hiervoor niet breed gedeeld zal worden. Lang verhaal kort: Van Kooten stelt na uitgebreide research dat Mattheus en Johannes ooggetuigen zijn geweest van het leven van Jezus en dat is opmerkelijk omdat tot nu toe werd aangenomen dat het evangelie van Johannes pas aan het einde van de eerste eeuw na Christus zou zijn geschreven. Waarom ik deze video hier deel is omdat ik tegen het eind van de video getroffen werd toen Van Kooten uitlegde waar het unieke van de boodschap van Jezus in het NT uit bestaat. Eerst blijft hij wat abstract als hij aangeeft hoe Jezus in die tijd manoeuvreerde tussen het brengen van een boodschap over een innerlijke transformatie en de politieke situatie van zijn tijd (men verwachtte dat de Joodse Messias een politieke vrijheidsstrijder zou zijn). 

Dit zette me al een beetje aan het denken toen ik besefte dat wat wij “politiek” noemen in feite de hele duale werkelijkheid is die wij als mensheid in de collectieve mind projecteren. Als cursusstudenten bestaat onze hele leerschool eruit om ons te leren verhouden tot de wereld die zich schijnbaar van buitenaf aan ons opdringt. “Schijnbaar”, want we projecteren deze wereld vanuit onze gespleten denkgeest. Hierna ging Van Kooten echter verder en benoemde hij het echt unieke van de boodschap van Jezus waarbij hij twee Griekse woorden noemde: metanoia en katharsis. En precies daar gebeurde iets bij mij. Niet omdat ik deze woorden nog nooit was tegengekomen – ze duiken al lang op in theologie, filosofie en psychologie – maar omdat ik ineens scherp zag wat ze werkelijk aanduiden. En vooral: dat ze exact benoemen waar Een Cursus in Wonderen in essentie over gaat.

Metanoia wordt meestal vertaald als bekering of inkeer, maar dat dekt de lading maar gedeeltelijk. Het gaat niet om spijt hebben of om morele zelfverbetering binnen hetzelfde kader. Metanoia duidt op een fundamentele verandering van denken, een radicale perspectiefwisseling. Geen kleine correctie, maar een omkering. Een mentale draai van 180 graden. Je kijkt niet langer vanuit hetzelfde punt naar dezelfde wereld, maar vanuit een ander uitgangspunt naar alles wat je ervaart.

Toen ik dat zo hoorde, viel voor mij een kwartje. Want dit is precies wat ECIW steeds weer benadrukt. Het probleem zit niet in de wereld, niet in de ander en niet in de omstandigheden, maar in de manier waarop wij waarnemen. In de denkgeest die voortdurend interpreteert, oordeelt en betekenis geeft vanuit angst en afgescheidenheid. De cursus vraagt ons niet om de wereld te verbeteren, maar om onze manier van kijken te laten corrigeren. Dat is metanoia, zonder omwegen.

Metanoia gaat gepaard met een innerlijk proces dat minstens zo wezenlijk is: katharsis. Zuivering. Reiniging. Het loslaten van wat zich in de loop van de tijd heeft vastgezet in onze denkgeest. Angst, schuld, woede, slachtofferschap. Niet als abstracte begrippen, maar als levende innerlijke reacties die ons dagelijks gedrag sturen.

In ECIW heet dat proces vergeving. En ook dat woord roept vaak misverstanden op. Vergeving is hier geen moreel gebaar waarbij ik besluit jou je fouten niet langer kwalijk te nemen. Het is een innerlijke schoonmaak. Een zuivering van mijn eigen waarneming. Ik zie dat mijn oordelen en mijn verontwaardiging voortkomen uit dezelfde vergissing: het geloof dat ik afgescheiden ben en mij moet verdedigen. Vergeving is het proces waarin die vergissing langzaam wordt losgelaten. Dat is katharsis.

Wat mij hierin aanspreekt, is hoe concreet dit alles is. Je merkt wellicht niet direct aan grootse spirituele ervaringen, maar aan kleine verschuivingen in het dagelijks leven. In hoe snel je je aangevallen voelt. In hoe vanzelfsprekend je angst serieus neemt. In hoe hardnekkig je vasthoudt aan je eigen gelijk. Katharsis betekent hier niet één grote emotionele ontlading, maar een voortdurende bereidheid om die innerlijke spanning niet langer te rechtvaardigen of te projecteren, maar te laten oplossen.

En dan, soms bijna ongemerkt, treedt het wonder op. Niet als iets bovennatuurlijks, maar als een perspectiefwisseling. Je kijkt anders. Niet omdat de situatie veranderd is, maar omdat jij met andere ogen kijkt. Waar eerst angst zat, komt ruimte. Waar eerst oordeel zat, komt mildheid. Waar eerst verdediging zat, komt rust. Dat is de metanoia waar de cursus op mikt: leven vanuit de Heilige Geest, ofwel vanuit het Zelf met een hoofdletter Z, in plaats van het zelf met de kleine letter z dat voortdurend bezig is zichzelf overeind te houden.

Het interview met Van Kooten hielp mij om scherper te zien hoe consistent en helder de oorspronkelijke boodschap van Jezus eigenlijk is. Niet politiek, niet moralistisch en niet gericht op uiterlijke hervorming, maar radicaal innerlijk. Een oproep tot metanoia, gedragen door een proces van katharsis.

In dat licht vervaagt voor mij het vermeende verschil tussen de Jezus van het Nieuwe Testament en de Jezus van Een Cursus in Wonderen, omdat de kernboodschap zichtbaar hetzelfde blijft. In beide gevallen gaat het om dezelfde beweging: weg van angst en projectie, en naar een innerlijke omkering van perspectief. Niet door strijd, maar door inzicht. Niet door veroordeling, maar door zuivering van de denkgeest.

Het interview maakte voor mij duidelijk dat Jezus in de evangeliën op precies dezelfde heldere manier spreekt als in ECIW. Andere woorden, andere context, maar dezelfde richting. Het koninkrijk is geen toekomstig ideaal en geen uiterlijke orde, maar een andere manier van zien die nu beschikbaar is. Mits we bereid zijn die innerlijke weg te gaan. En misschien is dat wel waarom deze twee oude Griekse woorden mij zo blij maakten: omdat ze in één adem benoemen wat deze weg vraagt én wat zij schenkt. Een zuivering die ruimte maakt voor een omkering. En een omkering die ons herinnert aan wat we in wezen al zijn: geliefde Kinderen van de Vader, samen met Jezus, onze Broeder.  https://youtu.be/NKAfmcFXYw4?si=Yy2gW-BqA_TxMh75

Het wonder van heelheid-van-hart

<Leven vanuit je Grote Zelf in een wereld vol angst>

De werkboeklessen gaan in deze periode over twee centrale thema’s: vergeving en het wonder. Ken Wapnick geeft aan dat deze begrippen erg dicht bij elkaar liggen. Vergeving verwijst hierbij vooral naar het proces, terwijl het wonder de correctie van onze waarneming zelf is.

Maar laten we ons hoofd niet breken over de terminologie van de cursus. Het is veel belangrijker dat hoofd en hart samen gericht zijn op eenheid en liefde. We kunnen de wereld en haar problemen namelijk aanvliegen vanuit het hoofd óf vanuit het hart. In eerste instantie is het nuttig om dit onderscheid te maken, want beide hebben hun valkuilen.

De balans tussen Hoofd en Hart

Als we te veel de nadruk leggen op één van beide aspecten, kan er scheefgroei ontstaan:

  • Te veel “hoofd”: Ons hoofd kan terecht beredeneren dat de grenzen die onze zintuigen waarnemen, ons een onterecht beeld van afgescheidenheid voorschotelen. ECIW stelt dat dit aanvankelijk zelfs enig geloof van ons vergt. Maar als we hierin doorslaan, vervallen we in een hyper-abstracte theologie. We verliezen dan het gevoel, het besef dat we als Kinderen van de Vader gedragen worden door Zijn liefde en dat we onze broeders en zusters mogen liefhebben “gelijk ons Zelf”.
  • Te veel “hart”: Ons hart geeft ons het gevoel voor verbondenheid en bewogenheid; het is de plek van verwondering over het mysterie van de schepping. Maar bij een teveel aan emotie zonder inzicht, kunnen we terugvallen in een duaal beeld van God en onze medemens. We willen dan weldoeners zijn, maar gaan twijfelen aan onszelf: schieten we niet tekort? Is God wel tevreden? Ideeën over zonde, schuld en angst sluipen dan ongemerkt onze mind weer binnen.

Daarom legt Een Cursus van Liefde (ECvL) extra nadruk op “heelheid-van-hart”. Dit is de staat van zijn waarin hoofd en hart samensmelten. We leven dan niet langer vanuit het geloof in afgescheidenheid (het kleine zelf), maar vanuit het diepe besef van eenheid met de Bron en met elkaar.

De wereld als spiegel

ECIW legt op onnavolgbare wijze uit dat de ellende die we in de wereld zien, niet de oorzaak is van onze nare gevoelens, maar het gevolg. De wereld die we zien is het spiegelbeeld van ons eigen geloof in afgescheidenheid.

Als wij, als Zoon van God, geloven dat we losstaan van de Vader en van elkaar, zien we een wereld vol afgescheidenheid en voelen we ons kwetsbaar. Dit vraagt om een klein beetje bereidwilligheid. Durven we te overwegen dat wij niet de slachtoffers zijn die rondwandelen in een vaststaande wereld, maar dat wij degenen zijn die deze wereld zelf maken, als een droom in onze mind? Denk aan de teksten die stellen dat we zelf betekenis geven aan alles, dat we geen slachtoffer zijn van de wereld die we zien en dat we onszelf “kruisigen” door onze gedachten.

De praktijk: Hoe werkt het wonder?

Dit lijkt misschien een onmogelijke geloofsstap. Daarom nodigt Jezus ons uit om de theorie even te laten voor wat het is en het gewoon te proberen. Hoe ziet dit er in de praktijk uit?

Stel je de volgende situatie voor:

  1. De trigger: Ik zie een naar persoon en ben ervan overtuigd dat hij mij boos maakt.
  2. De neiging: Ik wil mezelf verdedigen of de aanval inzetten.
  3. Het besef: Dan realiseer ik me dat ik hiermee mijn geloof in afgescheidenheid bevestig. Ik voel letterlijk hoe ik vanbinnen verhard.
  4. De keuze: Ik besluit pas op de plaats te maken en een andere keuze te maken.
  5. De uitnodiging: Ik vraag de Heilige Geest om mijn waarneming te corrigeren:

“Bron van Liefde, ik meen iemand te zien die anders is dan ik en die mij aanvalt. Help me om te zien dat mijn geloof dat ik afgescheiden ben van hem niet klopt. Ik weiger te kiezen voor verdediging of tegenaanval. Oei, wat valt dit me lastig; het lijkt of ik mezelf fop. Help me, Liefde!”

  1. Het wonder: Het wonder vindt plaats. Het is die vreemde maar fijne ervaring dat de boosheid verdampt. Er ontstaat ruimte voor een liefdevolle respons.

Van oordeel naar Grote Zelf

Gaandeweg, en door stug volhouden, ontdek je dat het klopt. Duistere gedachten en emoties zijn geen onvermijdelijk gevolg van de wereldproblematiek; er is een bevrijdende keuze mogelijk!

Je gaat er gevoel voor ontwikkelen dat je niet samenvalt met je kleine zelf. Je gaat zien dat het precies omgekeerd werkt: door onze keuze tot oordeel projecteren we – vanuit het Grote Zelf dat we in waarheid zijn – een klein zelf dat gelooft in afgescheidenheid. Angst en aanval maken de illusie dat je een kwetsbaar, lichamelijk wezen bent “echt” voor je.

De cursussen zijn er juist op gericht om dit mechanisme om te draaien. Door vergeving en door ons af te stemmen op de Heilige Geest, stappen we uit die projectie. We geven ons over, zodat we weer gaan leven vanuit ons Grote Zelf, dat in Heilige Relatie verbonden is met de Vader en met onze Broeders. Je merkt dat jouw vergevende houding werkt als balsem voor je ziel. Op dat moment vergt het wonder geen geloof meer, want je ervaart simpelweg wat verlossing inhoudt.

Door je zo telkens af te stemmen op eenheid, wordt je geest gevuld met “Gedachten die je denkt met God”. Omdat je gaat inzien dat jij degene bent die de narigheid projecteert, opent zich de weg naar dat waar projectie slechts een schaduw van is: extensie, de uitbreiding van liefde en schepping. We worden uitgenodigd om een nieuwe wereld te scheppen door een oneindige verdieping van onze verbondenheid.

Actuele toepassing: Strijdbaarheid vs. Verbondenheid

Vanmorgen las ik in de krant dat de “willingness to fight” (bereidheid om te vechten) in Nederland erg laag is en verhoogd moet worden gezien de dreiging in de wereld.

ECIW en ECvL laten een geluid horen dat hier 180 graden tegenin gaat: de “willingness to fight” mag vergeven worden en vervangen door de “willingness to unite”. Laten we niet wanhopen, noch meegaan in de verharding.

Wat is dan de uitnodiging als we geconfronteerd worden met beelden van geweld? Ze weglachen en ontkennen? Nee. Ze serieus nemen en vervallen in wanhoop? Ook niet.

De uitnodiging is om ze te zien en te beseffen dat we in de spiegel kijken van onze collectieve mind. Dit is hoe geloof in afgescheidenheid eruitziet: als een fysieke werkelijkheid vol dood en verderf. We kijken naar onze eigen roep om liefde.

Deze roep vraagt om een respons vanuit heelheid-van-hart. Er zijn geen vaste gedragsregels; ieder Kind van God verhoudt zich op unieke wijze tot wat zich aandient. Het is onze houding die telt: kijken we vanuit angst of vanuit liefde? Als we kiezen voor liefde, treedt er een Kracht in werking die door ons heen precies dat zal doen wat nodig is.

Moge Zijn Wil geschieden, zowel in de hemel als op aarde, want deze zijn tenslotte één.

Het tipje van de sluier

De eenvoud van liefde, maar de complexiteit van barricades.

Na een paar jaar studie van Een Cursus in Wonderen (ECIW) drong het tot me door: het is niet genoeg om deze cursus slechts met het hoofd te begrijpen. Jezus probeert ons geen nieuwe theologie te onderwijzen, maar ons te leiden naar verlossing. Dat is ten diepste een ervaring van vrede.

Omdat ik merkte dat veel medestudenten moeite hadden om die ervaring daadwerkelijk te proeven, organiseerde ik een workshop. Mijn doel was helder: mijn gasten laten voelen wat oordeel en vergeving vanbinnen met je doen, zodat de keuze voor dat laatste makkelijker zou worden.

Weerstand en verantwoordelijkheid

De avonden verliepen echter niet zoals ik me had voorgesteld. De oorzaak daarvan zoek ik nu vooral bij mezelf. Ik voelde me gespannen en overmatig verantwoordelijk voor ‘het resultaat’. Hoewel ik geen kosten rekende, voelde ik de druk van mensen die soms een uur in de auto hadden gezeten.

Daarnaast onderschatte ik de onbewuste weerstand tegen wat de Cursus het ‘loslaten van grieven’ noemt. Voor mij leek de keuze zo evident: waarom zou je vasthouden aan boosheid als je weet dat het je pijn doet? In mijn blogs ben ik soms ook geneigd die bocht kort te nemen: Wil je liefde ervaren? Heb dan lief! Zo simpel is het toch?

Maar tijdens de workshop leerde ik dat die eenvoud bedrieglijk kan zijn. Ik ontdekte dat iedereen een eigen tempo en specifieke aandachtspunten heeft in het doorlopen van het curriculum. Die ontdekking deed me besluiten om liever in 1-op-1 gesprekken te werken. Daarin kan ik veel beter aanvoelen wat bij iemand aanslaat en waar iemand dreigt af te haken.

Lessen in nederigheid

Toch had ik die stroeve workshop-ervaringen voor geen goud willen missen. Juist in de wrijving en het gesprek met broeders en zusters ontstaan de diepste inzichten. Voor mij betekende dit concreet:

  • Van leraar naar leerling: Mijn gespannenheid liet zien dat ik zelf nog verlossingswerk te doen had. Ik moest het advies van ECIW opvolgen: mezelf ontslaan als ‘leraar’ die de avond moet dragen. De eerste avonden bereidde ik nog krampachtig voor; bij de vervolgavonden stemde ik me vooraf en tijdens de start bewust af op de Heilige Geest. Die avonden verliepen soepel, fijn en van-Zelf.
  • De noodzaak van complexiteit: Ik begreep ineens waarom ECIW zo’n dik en psychologisch gelaagd boek is. De basisboodschap van liefde is simpel, maar onze barricades ertegen zijn dat niet. Onze wens om afgescheidenheid te ervaren heeft geleid tot diepgewortelde angst- en schuldgevoelens, die we zorgvuldig hebben toegedekt.
  • De weg terug: Jezus geeft ons een gedetailleerde kaart van hoe we die barrières hebben opgebouwd én hoe we ze stap voor stap kunnen slechten. Verlossing is niets anders dan de stapsgewijze overgave aan liefde, door inzicht te krijgen in hoe we die liefde zelf blokkeren.

Maatwerk van hoofd en hart

De Cursus is een meesterstuk van maatwerk. Ik ervaar het dan ook als genade dat we na ECIW ook Een Cursus van Liefde (ECvL) hebben gekregen. Waar ECIW vaak wordt gezien als een boek voor het ‘hoofd’ (het ontmantelen van het ego) en ECvL voor het ‘hart’, is die scheiding te zwart-wit. ECIW stroomt over van geduld en liefde, terwijl ECvL ook prachtige intellectuele inzichten biedt. Samen vormen ze voor mij een machtige bron die blijft verbazen.

In gesprekken met anderen zie ik met dankbaarheid hoe ieder mens op een uniek moment, via het hoofd of het hart, geraakt wordt en hoe het transformatieproces op gang komt.

Licht in de duisternis

Nu Sinterklaas voorbij is, komt Kerst in beeld. We vieren dat het Licht schijnt in de duisternis. Vaak denken we dan terug in de tijd, aan de incarnatie van Jezus, ruim 2000 jaar geleden. Maar tijd is slechts perceptie; dat Licht is nooit gedoofd. De duisternis die we ervaren is niets anders dan de sluier die wij zelf over het Licht hebben geworpen.

De cursussen nodigen ons uit om slechts een puntje van die sluier op te lichten. De warmte van de liefde die we dan voelen, doet de rest.