Ons “gezonde verstand” worstelt met begrippen als schepping en Heilige Relatie, maar hierover is nu even voldoende gezegd. De nieuwe uitdaging voor onze hersenen is de vraag hoe het zou kunnen dat liefde zowel middel als doel is voor onze terugreis. Oké, zegt ons verstand, voordat ik liefde kan geven moet ik het eerst ontvangen en er zelf voldoende van hebben. Pas dan kan ik het anderen geven. Je hoort verschillende uitspraken met deze strekking. Zo moet je eerst van jezelf houden voordat je van een ander zou kunnen houden. Of, meer in ECIW termen, je zou eerst de verzoening voor jezelf moeten aanvaarden en daarna kun je gaan helpen de wereld te verlossen.
Ik heb gemerkt dat nuancering van deze uitspraken leidt tot heftige reacties. Ons zwart-wit denken kan niet anders dan ervan uitgaan dat zo’n uitspraak goed of fout is, slechts één perspectief kan immers de juiste zijn? De aanname dat je eerst zelf moet hebben voordat je kunt geven is toch redelijk?
Net als bij de Heilige Relatie is het niet zo zwart-wit met ik hier en jij daar. Het is niet of-of maar en-en, en dit is waar het hoofd mee worstelt maar waar het hart geen moeite mee heeft. Want natuurlijk is het niet handig om een hekel aan jezelf te hebben en mag je het wonder, een uiting van liefde, voor jezelf ontvangen. Maar zoals Jezus het zo mooi stelt: geven en ontvangen, ontvangen en geven, zijn in waarheid één. Je hoeft liefde niet voor jezelf te houden, te hamsteren, om daarna wat je over hebt weg te geven. Nee, door te geven wat je hebt, ook al is het naar je gevoel nog niet veel, zullen jij en je naasten veel ontvangen.
In de Bijbel staat een mooi verhaal van Jezus die een paar duizend mensen toespreekt waarbij de tijd voorbij vliegt. De mensen krijgen honger en de discipelen adviseren Jezus om ze naar huis te sturen want hoe zou je zo’n mensenmassa kunnen voeden. Dan is er een kereltje die een paar vissen en broden heeft en deze liefdevol aan Jezus aanbiedt. Jezus dankt de Vader, en verdeeld de vissen en broden en houdt, nadat iedereen genoeg heeft, zelfs nog over. Een dierbare ECIW-zuster vatte het mooi samen: Liefde delen is deze vermenigvuldigen.
Maar terug naar ECIW. Wat vinden we daar in Hoofdstuk 8, getiteld de terugreis, staan in paragraaf III? Liefst zou ik hier die hele tekst weergeven zodat je kunt lezen hoe belangrijk voor Jezus de heilige ontmoeting is, maar goed, hier een paar paragrafen.
4. Telkens wanneer jij iemand ontmoet, bedenk dan dat het een heilige ontmoeting is. Zoals je hem ziet, zie jij jezelf. Zoals je hem behandelt, behandel jij jezelf. Zoals je over hem denkt, denk jij over jezelf. Vergeet dit nooit, want in hem zul jij jezelf vinden of verliezen. Telkens wanneer twee Zonen van God elkaar ontmoeten, wordt hun een nieuwe kans op verlossing geboden. Ga nooit bij iemand weg zonder hem verlossing gegeven en die zelf ontvangen te hebben. Want daar ben ik altijd met jullie, in jullie gedachtenis.
5. Het doel van het leerplan is, ongeacht de leraar die je kiest: ‘Ken uzelf.’ Iets anders valt er niet te zoeken. Ieder is op zoek naar zichzelf en naar de kracht en de heerlijkheid die hij meent te hebben verloren. Telkens wanneer jij met iemand samen bent, heb je een nieuwe gelegenheid om ze te vinden. Jouw kracht en heerlijkheid zijn in hem, omdat ze de jouwe zijn. Het ego probeert ze uitsluitend in jou te vinden, omdat het niet weet waar het zoeken moet. De Heilige Geest leert jou dat als je alleen naar jezelf kijkt, jij jezelf niet kunt vinden, want dat is niet wat jij bent. Telkens wanneer jij met een broeder samen bent leer je wat jij bent, omdat je onderwijst wat jij bent. Hij zal of met pijn of met vreugde reageren, al naargelang de leraar die jij volgt. In overeenstemming met jouw beslissing zal hij gevangen of bevrijd zijn, en jij eveneens. Vergeet nooit jouw verantwoordelijkheid tegenover hem, want het is je verantwoordelijkheid tegenover jouzelf. Geef hem zijn plaats in het Koninkrijk en jij zult de jouwe hebben.
6. Alleen kun jij het Koninkrijk niet vinden en alleen kun jij, die het Koninkrijk bent, jezelf niet vinden. Wil je het doel van het leerplan bereiken, dan kun je niet naar het ego luisteren, want zijn bedoeling is het juist zijn eigen doel te ondermijnen. Het ego weet dit niet, omdat het totaal niets weet. Maar jij kunt het weten, en zult dat ook weten, als jij bereid bent te kijken naar wat het ego van jou maken wil. Dit is jouw verantwoordelijkheid, want als je er eenmaal werkelijk naar gekeken hebt, zul je de Verzoening voor jezelf aanvaarden. Welke andere keuze zou je kunnen maken? Als je deze keuze gemaakt hebt, zul je begrijpen waarom jij ooit geloofde dat wanneer je iemand anders ontmoette, je ook dacht dat hij iemand anders was. En iedere heilige ontmoeting die jij volledig aangaat zal jou leren dat dit niet zo is…
8. Kracht en heerlijkheid behoren alleen God toe. Zo ook jij. God geeft al wat Hem maar toebehoort, omdat Hij van Zichzelf geeft, en alles Hem toebehoort. Geven van jouzelf is de functie die Hij jou gegeven heeft. Door die volmaakt te vervullen zul jij je herinneren wat jij van Hem hebt, waardoor jij je eveneens zult herinneren wat jij in Hem bent. Je mist daartoe niet de kracht, want dit is jouw kracht. Heerlijkheid is Gods gave aan jou, want dat is wat Hij is. Zie deze heerlijkheid overal zodat jij je herinnert wat jij bent.
Zie je de grote nadruk op de ontmoeting en de oproep om de blik “naar buiten”, naar je Broeders, te richten om zo te ontdekken dat die ander niet buiten je bestaat? Door te geven (het middel, de functie die ons is gegeven) zullen we ons herinneren wat wij van de Vader hebben ontvangen en daarmee wat wij zijn in Hem (het doel). Door liefde uit te breiden ontdekken we dat we liefde zijn. Dit stemt me dankbaar.
