Ik merk dat er veel verwarring bestaat in de ECIW-gemeenschap over de rol van het denken. Sommigen stellen dat ons denken de manier biedt om de cursus te leren; is ECIW geen training van de denkgeest? Anderen hebben ontdekt dat denken kan leiden tot ingewikkelde verhalen over metafysica en dat je daardoor “in je hoofd getrokken” wordt. Voordat je het doorhebt, meen je een keuze te moeten maken; vóór of tegen het verstand en het denken. Het wordt dan weer zo’n typisch of-of vraagstuk.
In talrijke gesprekken met een psychologisch-filosofisch ingestelde broeder heb ik gemerkt dat je eindeloos over de voor- en nadelen van de cursus kunt praten zonder een stap verder te komen. Eerlijk gezegd had ik dat al eerder ontdekt. In mijn boek “Een Christen op Satsang” uit 2008 sprak ik over de beperkte houdbaarheid van concepten. Daarmee bedoelde ik dat je het ene moment meent “aha, zo zit het volgens mij” en het volgende moment “oh nee, ik denk dat ik me vergist heb; het zit zo!”. Dit gebeurt als je de één of andere visie meent verstandelijk te begrijpen, zonder dat je deze doorleefd hebt. Je kunt dan bijvoorbeeld beweren dat de cursus zal leiden tot harteloosheid omdat je een passage hebt gelezen die stelt dat je alleen jezelf kunt kruisigen. Je denkt erover na en vindt het vervolgens wreed en beschuldigend.
Maar wat moet je dan? Moet je je denken overboord gooien? Dat is wat sommigen willen doen met de cursus. Ze vinden het tekstboek veel te ingewikkeld en zien het gevaar van overmatig piekeren en van het bouwen van uitgebreide theorieën. Het is toch heel simpel? Alles is liefde en luister maar gewoon naar je hart. Toch meende Jezus dat deze oneliners voor de meeste van ons niet voldoende zijn, anders had hij ons niet dikke boeken gegeven als Een Cursus in Wonderen en Een Cursus van Liefde (ECvL). Wat moeten we nu; wel of niet nadenken over de cursus?
Zowel ECIW als ECvL beantwoorden deze vraag. ECIW geeft ons werkboeklessen en vraagt ons om deze lessen te doen. Dat laatste woord “doen” is belangrijk. Er staat niet dat we eindeloos moeten gaan nadenken over de lessen maar Jezus vraagt ons enige bereidwilligheid, een klein beetje vertrouwen, om ons denken even te parkeren en de lessen uit te voeren zoals beschreven. De reden is simpel: slechts langs deze weg kunnen we gaan ervaren dat wat we lezen in de cursus klopt. Het voelt alsof het besef van de logica van de cursus groeit als we ons in vertrouwen openstellen. Op talloze manieren probeert Jezus ons te laten zien dat het niet op ons eigen gepieker aankomt. Hij spreekt van het autoriteit-probleem (wij willen het zelf uitdenken, zelf oplossen, zelf doen). Hij spreekt van jezelf afstemmen op de stille Stem van de Heilige Geest of om hemzelf, onze oudere broeder, om hulp te vragen. Maar laten dit nu net allemaal adviezen zijn waar ons ego een hekel aan heeft. Jezus wijst vlijmscherp op het adagium van het ego: “zoek, maar vind niet”.
In ECvL legt Jezus uit dat ECIW nodig is om het ego te verzwakken. Dat gebeurt niet door een ECIW-theoreticus te worden, integendeel. Dat gebeurt wel als je dat kleine beetje vertrouwen durft op te brengen, als je het ego-schild iets durft te laten zakken. Door in kleine situaties en in de werkboeklessen je vergevingsoefeningen te doen. Door je in elke situatie af te stemmen op eenheid en liefde, oftewel door wonderwerker te worden, groeit een innerlijke ervaring, groeit het vertrouwen en groeit het besef: “het klopt gewoon!”.
In ECvL wijst Jezus op de eenheid van onze “mind”. Hij noemt dit “eenheid van hoofd en hart” maar meestal kortweg: “heelheid-van-hart”. Als je ECIW echt doet, dan krijg je steeds meer “gevoel” voor wat deze heelheid-van-hart betekent. Dat gevoel blijft maar groeien en krijgt aspecten van bewondering, verwondering en dankbaarheid. Op rustige momenten schijnt het licht je mind binnen en begin je besef te krijgen wat de ECIW term “gedachten die je deelt met God” inhoudt. In ECvL spreekt Jezus van “de Kunst van Denken”. Ik noem dit voor mezelf een “klik-ervaring”. Tijdens zo’n ervaring klikken denkbeelden als het ware ineen, maar niet slechts op een conceptueel niveau. Nee; elke klik gaat gepaard met een diep en gelukzalig gevoel van helderheid. Je voelt dat iets overduidelijk is geworden maar tegelijkertijd merk je een onmacht om dit precies over te brengen aan de broeders en zusters met wie je in gesprek bent.
In ECvL legt Jezus uit dat het voelt alsof deze toestand “onderhoud” vergt. Dit onderhoud is geen zwaar werk maar is meer een jezelf herinneren om je af te stemmen op eenheid en liefde. Uiteindelijk gaat het steeds meer “van-Zelf”. Je ontwikkelt een soort antenne voor “ego-spanning” en bent sneller bereid de uitgestoken hand van Jezus aan te nemen. Uiteindelijk zal dit volgens ECvL leiden tot bestendiging. En zelfs als daar nu nog geen sprake van is, merk je duidelijk op dat het door je heen aan het gebeuren is. Niet door je eigen inspanning en wilskracht maar door vertrouwen en genade. Door de kracht van de Liefde die onze Schepper is.
