Over schriftgeleerdheid, AI en sinaasappels

Als ik jou wil uitleggen hoe een sinaasappel smaakt dan krijg je omschrijvingen zoals: “fris en een beetje zurig”. Maar als jij nooit eerder zelf een sinaasappel hebt gegeten dan weet je in feite nog niets. Dat komt omdat je de directe gewaarwording van smaak nog niet zelf hebt meegemaakt. Deze gewaarwording is zuiver subjectief en zo’n subjectieve ervaring kan per definitie niet direct worden overgedragen aan een ander. Smaak gebeurt “aan de binnenkant van je wezen” en woorden zijn een erg gebrekkig medium waarmee we proberen iets van deze ervaring te communiceren met anderen.

Als de ene sinaasappel-eter een andere sinaasappel-eter tegenkomt dan kan er in eerste instantie enige verwarring ontstaan als de eerste zegt: “de smaak is fris en een beetje zurig” en de ander beweert: “de smaak is fris maar toch zoetig”. Maar als het gesprek zich dan voortzet en ze er beide meer woorden aan wijden dan kunnen ze toch beide beseffen dat de ander wel degelijk geproefd heeft van de sinaasappel maar dat smaken nu eenmaal verschillen. Dat geeft dan wederzijds begrip en berusting.

Woorden zijn bedoeld om iets van onze ervaring over te brengen op anderen. Bij het voorbeeld van de sinaasappel ging het over een gewaarwording die we krijgen via één van onze zintuigen; in dit geval via de smaak. Hetzelfde geldt voor onze andere zintuigen zoals het zien, horen, ruiken en betasten. Het zijn allemaal zeer subjectieve zaken die alleen oppervlakkig te beschrijven zijn met woorden en alleen echt verstaan kunnen worden door iemand die hetzelfde gezien, gehoord, geroken of gevoeld heeft. Iemand die blind geboren is kan zich geen voorstelling maken hoe het is om te zien, ook al hoort hij anderen er constant over praten.

Iets dergelijks geldt voor onze innerlijke ervaringen van eenheid en liefde. In de evangeliën zien we dat Jezus een soortgelijk verwijt maakt aan de schriftgeleerden van zijn tijd. Zij kenden de heilige teksten vaak woord voor woord. Ze konden de Wet uitleggen, discussies voeren over interpretaties en elkaar de loef afsteken met subtiele argumenten. Maar toch zegt Jezus op een bepaald moment tegen hen: “U dwaalt, omdat u de Schriften niet kent en ook niet de kracht van God.” (Matteüs 22:29). Dat is een opmerkelijke uitspraak, want niemand kende de teksten beter dan zij. Kennelijk bedoelt Jezus dus dat je de Schrift ook kunt kennen zonder haar werkelijk te verstaan.

Het lijkt erop dat Jezus hun verwijt dat zij de teksten vooral met hun hoofd benaderen. Ze analyseren, redeneren en classificeren, maar de innerlijke ervaring waar die teksten naar verwijzen lijkt hen te ontgaan. Hij zegt bijvoorbeeld dat zij de kern van de wet missen: recht, barmhartigheid en trouw (Matteüs 23:23). Met andere woorden: zij spreken voortdurend over God, maar de levende verbinding met liefde en eenheid – waar de Schrift uiteindelijk naar wijst – lijkt niet werkelijk in hun hart te zijn ontwaakt. Het is een beetje alsof iemand eindeloos kan uitleggen hoe een sinaasappel smaakt zonder hem ooit zelf geproefd te hebben.

Ook nu nog merk ik dat sommige, en misschien zelfs veel, Christenen worstelen met wat ze lezen in de Bijbel en met wat hun hart hun ingeeft. Gewoonlijk is het geen zwart-wit kwestie, verstand of hart, maar bungelt het er een beetje tussen in. Hieraan moest ik denken toen ik het boek “77 moeilijke vragen van Christenen” van Willem Ouweneel las. Deze vriendelijke man doet zijn uiterste best om zo getrouw mogelijk aan de hand van Bijbelcitaten uit te leggen wat de Bijbelse boodschap inhoudt. Hij loopt daarbij echter onherroepelijk tegen de vraag aan wat hij uiteindelijk daarbij leidend dient te laten zijn: hoofd of hart. Zolang hij kiest voor het hoofd zal zijn geloof in meer of mindere mate dogmatisch blijven en scheiding veroorzaken: sommigen zullen gered worden en anderen definitief verloren gaan.

We hebben nu de beschikking over de ultieme schriftgeleerde, namelijk kunstmatige intelligentie, AI zoals ChatGPT.  AI kan veel beter dan wie dan ook onderzoeken wat anderen hebben opgeschreven om ons iets uit te leggen. Ik kan me voorstellen dat AI na grondige inspectie van de Bijbel zou vaststellen dat Ouweneel “gelijk” heeft in zijn uitleg van de Bijbel. AI is de ultieme schriftgeleerde.

Ik merk dit als ik AI gebruik om vragen te stellen over Een Cursus in Wonderen (ECIW) of over Een Cursus van Liefde (ECvL). Ogenschijnlijk levert dit erg goede antwoorden op. Maar het blijft oppassen. Alleen omdat ik deze boeken zelf “geproefd heb” kan ik opmerken dat de antwoorden van AI geconstrueerd zijn en niet doorleefd. De constructie kan waanzinnig knap zijn maar toch de kern missen. Deze kern is namelijk onvoorwaardelijke liefde, de ultieme taal van het hart.

Ik merkte dit ook op toen ECIW-prominenten ECvL meenden te moeten beoordelen. Dit leidde bij een groep enthousiaste ECvL lezers tot verbazing: “Hé, zien of voelen ze dit nu echt niet? Herkennen ze Jezus niet in ECvL? Ervaren ze niet dat de boodschap van ECvL een verrijking is van die van ECIW en er totaal niet in tegenspraak mee is?”. In ECvL introduceert Jezus het begrip heelheid-van-hart waarmee hij probeert uit te leggen dat er harmonie dien te bestaan tussen ons verstand en ons hart maar dat de liefde altijd leidend dient te zijn.

Woorden, redeneringen en teksten kunnen ons ver brengen, maar ze brengen ons nooit helemaal tot de ervaring zelf. Ze wijzen er slechts naar. Net zoals een beschrijving van een sinaasappel slechts een uitnodiging is om zelf een hap te nemen. De fout ontstaat wanneer wij de beschrijving verwarren met de smaak. Dan gaan we discussiëren over woorden terwijl de ervaring waar die woorden naar verwijzen buiten beeld raakt.

Misschien is dat precies wat Jezus de schriftgeleerden wilde laten zien. Hun kennis van de teksten was indrukwekkend, maar kennis alleen opent het hart niet. En hetzelfde geldt voor ons. We kunnen boeken lezen, theologische systemen bouwen en tegenwoordig zelfs AI raadplegen die miljoenen teksten kan analyseren. Dat alles kan nuttig zijn, maar het blijft uiteindelijk een vorm van schriftgeleerdheid. De levende ervaring van liefde en eenheid kan niet uit een tekst worden afgeleid en ook niet door een algoritme worden geconstrueerd. Zij kan alleen van binnenuit worden herkend.

Daarom is het misschien goed om zowel tegenover theologie als tegenover AI een zekere bescheidenheid te bewaren. Ze kunnen helpen om woorden te ordenen en vragen te verhelderen, maar ze kunnen ons niet vervangen in het enige dat er werkelijk toe doet: zelf proeven. De innerlijke ervaring van liefde, vergeving en eenheid is geen theorie maar een werkelijkheid die zich alleen laat kennen door haar te leven. Zodra die ervaring er is, vallen veel discussies vanzelf stil.

Misschien is dat uiteindelijk ook wat bedoeld wordt met heelheid-van-hart. Het verstand hoeft niet te worden uitgeschakeld; het kan een nuttig instrument zijn. Maar het mag niet op de troon zitten. Het hart – de directe herkenning van liefde en verbondenheid – blijft de bron. Het verstand kan daarna proberen woorden te vinden voor wat het hart al weet. En misschien is dat ook precies de volgorde waarin het altijd bedoeld is geweest.

Plaats een reactie