De gedachte aan- of van God?

image

Als ik een Werkboekles (178) voor de eerste keer lees spreekt het me niet altijd direct aan. Dat had ik ook met ‘Laat mijn denkgeest de Gedachte van God niet afwijzen’. Nee, natuurlijk niet. Waarom zou ik de gedachte van God willen afwijzen? Ik wil toch juist dichter bij God komen? Ik heb helemaal niet de neiging om ‘de gedachte van God’ af te wijzen. En waarom staat er eigenlijk de gedachte ‘van’ God en niet de gedachte ‘aan’ God? Raar hoor.

Mijn reactie laat niet alleen zien dat ik een trage leerling ben maar een weerspannige leerling. Er is namelijk meer aan de hand dan het gewoon niet begrijpen. Mijn ego wíl deze zin niet begrijpen. Het wil niet zien dat het wel degelijk de gedachte van God afwijst. Want wat is die gedachte van God?

Wij menen dat we inderdaad áán God kunnen denken. Bij dit proces komen er wat beelden, wat concepten naar boven die we vervolgens voor waar aannemen. Zelfs gedachten als ‘God is liefde, waarheid en eenheid’ blijven min of meer concrete richtingsaanwijzers die naar iets verwijzen dat niet meer concreet is. Lekker veilig, een ikje dat rustig aan- of over God denkt.

De gedachte ván God is (sorry, ik moet toch woorden gebruiken) de onbegrensde Liefde zelf. Deze onbegrensdheid gaat ons bevattingsvermogen verre te boven en is de ultieme bedreiging voor ons ego. Ons ego is een verkramping waarbij we vastklampen aan ons begrensde lichaam, aan plannen, aan ruimte, tijd, relaties, ik en jij. Zo menen we dat we ons uit de eenheid losgedacht hebben. Maar binnen de gedachte van God zijn er geen grenzen meer en lost dus het ego op.

De gedachte van God betekent dus dat we weer gaan lachen om het nietig dwaze idee van de afscheiding. Zeer bedreigend voor het ego. Het ego wil veilig áán God denken maar niet vervuld worden door- en oplossen in de gedachte van God; in onbegrensde Liefde. God is louter Liefde, dus ben ik dat ook. Moeten we hiervoor iets doen? Moeten we ons voorbereiden? Binnen de illusie moeten we iets afleren. We mogen met vergevingsoefeningen leren dat we niet dood gaan als we ons openstellen voor de Heilige Geest en voor de contacten met de Zoon van God, onze broeders. We mogen samen met Hem naar onze angst kijken. Naar de angst voor de Liefde die we zijn.

Meer niet. Het is ten diepste schuldeloze arrogantie als we denken dat de allerhoogste onze voorbereiding nodig heeft om te zijn Wie Hij is. Waarheid is. Nu en tot in eeuwigheid. En dit ís ons reeds gegeven, nu en in eeuwigheid. Wat een zegen, wat een ontspanning. Heer zie mijn bange afwijzing van uw liefde. Ik breng deze angst bij u en leg deze voor uw voeten. Hier ben ik Heer. Dank dat Uw gaven aan mij zijn toevertrouwd.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s