Zie zijn zondeloosheid..

embrace-the-trucker

Met de Cursus heb je elke dag vuurwerk. Kijk nu toch weer die afsluitende zin van WB357:”Zie zijn zondeloosheid en wees genezen”. Dat is het en meer niet. Hoe simpel willen we het hebben?
Ik laat wat mensen die ik ken voorbij trekken in mijn gedachten. De positieve en negatieve oordelen en gevoelens wisselen elkaar snel af. Meestal zijn deze niet heel erg uitgesproken maar de ene mens mag ik gewoon wat meer dan de andere. Mensen die ik wat liever mag  lijken me iets te kunnen geven waar ik behoefte aan meen te hebben. Vriendelijke woorden, waardering, genegenheid, gezelligheid en ga zo maar door. De Cursus spreekt van speciale liefdesrelaties. De waardering die ik voel voor deze ‘aardige mensen’ is toch voorwaardelijk. Als ze zich een keer vervelend gedragen dan kan ik het nog door de vingers zien maar het moet geen gewoonte worden want dan liggen ze eruit.

Het gevoel iemand echt intens te haten ken ik niet. Er is niemand die ik dood wens. Toch is de kwaliteit van de speciale haat-relatie mij natuurlijk ook niet vreemd. Er zijn wel degelijk mensen die ik afwijs, wiens gedrag en manier van doen ik niet kan accepteren. Ik maak mezelf wijs dat ik iets beter ben dan die vrachtwagen chauffeur uit Berlijn omdat ik niet overga op doodslag. Toch is het verschil tussen mijn bescheiden hekel hebben aan sommige personen de haat van terroristen slechts een kwantitatief verschil binnen de droomwereld waarin we menen te leven. Ten diepste doe ik met mijn oordeeltje en de terrorist met zijn aanslag hetzelfde; we menen zonde te zien in een ander die een aanval rechtvaardigt. Ik schiet een klein oordeel-kogeltje af en de terrorist pakt een wat groter wapen.

Wij allebei voelen ons afgescheiden van onze broeders. Zodra het kleinste geloof in ons ikje de denkgeest binnensloop en we niet meer konden glimlachen om dit bijgeloof, voelden we de grens tussen ik en jij. Kijk goed naar binnen en let heel goed op dit gevoel. Merk dat de geboorte van het kleinste ik-gevoel altijd gepaard gaat met de geboorte van het jij-gevoel. Deze geboorte heeft bijwerkingen. Zodra de tweedeling lijkt te ontstaan, vermoed je dat er iets met je kan gebeuren (een aanval door een ander) en dat je behoeftig bent (ik heb iets van die ander nodig). Angst ziet nu het daglicht met in zijn voetspoor de woede op die denkbeeldige ander. Zodra we ons menen losgedacht te hebben uit de eenheid die we zijn is er spraken van oorlog met denkbeeldige anderen en met een denkbeeldig van ons afgescheiden God. Hier voelen we ons schuldig over. Die schuld is ondragelijk maar gelukkig lukt het ons dit te projecteren op de buitenwereld, op die ander. Die is fout, die is zondig en die verdient de doodstraf waarvan ik onbewust meen dat ik die zelf verdien. Een vicieuze cirkel van angst, aanval en schuldgevoel.

Hoe kom ik hiervan af? Wat moet ik doen om dit los te laten? Het helpt me om te zien dat in deze twee vragen het woordje “ik” een prominente plaats inneemt. Diezelfde ik ziet dus direct de aanname over het hoofd dat ervan wordt uitgegaan dat er een “ik” is die ergens vanaf moet zien te komen, die moet loslaten en die een verloren gewaande vrede moet zien terug te pakken.

Goddank leer ik steeds sneller om te stoppen met spartelen. Ik leer zien dat er een verborgen weerstand is om het spel van ik-versus-jij los te laten, om de zondeloosheid van de ander te zien. Dit spel gebruik ik juist om weg te blijven van die overweldigende liefde waarin jij en ik verenigd zijn. Nu valt de titel van WB 357 op zijn plaats:

“De waarheid beantwoordt elk beroep dat we doen op God door eerst met wonderen te reageren, en dan tot ons terug te keren om zichzelf te zijn”

Here Jezus ik kan mijn negatieve oordelen over anderen niet uit eigen kracht loslaten. Ik blijk het gewoonweg niet echt te willen. Maar die kleine wil tot angst en strijd is niet mijn echte Wil die ook de Uwe is. Dus ik dank U dat ik mag zeggen met Jezus: “in Uw handen beveel ik mijn geest” en vervolgens mag ik mijn hele kleine vertrouwen zetten op Uw belofte. U beantwoordt elk beroep. Dank.

 

 

Een gedachte over “Zie zijn zondeloosheid..

  1. Ineke

    Beste Simon, ik heb nog nooit gereageerd op je mooie stukken, maar ik lees ze al best lang. Ik ben ook steeds blij als ik zie dat er een nieuw bericht is van ECIW-coach!
    Ik ben nog een redelijke beginner met de Cursus en zie jouw berichten echt als krachtvoer en steun op mijn pad met de Cursus. Een prachtig maar ook een moeilijk pad.
    Ik wens je mooie feestdagen en ik zie al weer uit naar je volgende column!
    Warme groet, Ineke

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s