Vragen en antwoorden: waarom eigenlijk?

Goedemorgen!

Er zijn op internet genoeg sites te vinden met daarop antwoorden op de meest gestelde vragen over ECIW maar toch wil ik de komende periode een aantal kwesties nogmaals aandacht geven. In de vorige hoofdstukken van “Ontwaken uit de droom van dualiteit met ECIW” heb ik geprobeerd duidelijk te maken dat het niet mogelijk is om vanuit ons beperkte droom-perspectief de juiste vragen te stellen of om te bepalen wat we zelf kunnen doen. Zowel ons voorstellingsvermogen, ons verstand en de woorden die we hanteren om ons uit te drukken zijn beperkt tot ons droomniveau van tijd en ruimte. De minst slechte benadering was om vast te stellen hoe we de illusie echter dreigen te maken (door ons spel van beschuldigen en oordelen) en wat we dan tenminste kunnen “doen” om niet van kwaad tot erger te geraken (vergeven).

Vanuit ons droomperspectief hebben we nauwelijks besef van het beperkte bereik van ons verstand. Ik noem dit “onze blinde vlek”. We menen dan dat we een heel redelijke vraag stellen en hebben niet in de gaten dat in die vraag allerlei aannames verborgen zitten. De belangrijkste vraag van dit werkje: “wat kan k doen” is hier een voorbeeld van. Deze vraag veronderstelt een echte “ik” (een zelf) die ook nog iets zou kunnen doen op droomniveau om te komen tot ontwaken. Dit terwijl ontwaken of zelfrealisatie een mysterieus gebeuren is waarbij doorzien wordt dat er geen afgescheidenheid bestaat. Een slimme student van de non-duale visie zou hierop direct de vraag kunnen stellen wie dit inzicht dan deelachtig zou kunnen worden. Een terechte vraag die niet te beantwoorden is maar waar wel glimlachend bij stilgestaan kan worden door “iemand” die dat nostalgische lied al weer wat beter hoort.

Maar nu dus toch ook hier aandacht voor vragen en antwoorden. Een betere titel zou in feite zijn: “vragen en blokkerende antwoorden”. Dit is namelijk vaak het punt. Ik wil proberen te laten zien hoe een ogenschijnlijk zeer correct non-duaal antwoord onze illusie van afgescheidenheid toch kan aanwakkeren. Het is niet mijn bedoeling om te vervallen in intellectuele haarkloverij. Het is wel mijn intentie om uit te nodigen tot toenemende fijngevoeligheid voor wat een bepaald geloof of bijgeloof met ons kan doen. Het is de kunst om stil te zijn en de subtiele innerlijke gevoelsbewegingen op te merken als we geloof hechten aan bepaalde denkbeelden. Ervaren we een toename van vrede en innerlijk geluk of nemen matheid en onverschilligheid de overhand? Gaan we bruisen van levensvreugde of vliegen eenzaamheid en zinloosheid ons naar de keel?

Aan onze ware identiteit zal dit alles niets afdoen of bijdragen. Die is eeuwig, onveranderlijk en liefdevol. Maar op onze weg van angstdroom naar gelukkige droom is deze fijngevoeligheid behulpzaam. Dit kan ons voorsorteren voor dat laatste besef van volmaaktheid. Dat moment waarop paradoxaal gezien wordt dat er helemaal niets gedaan hoefde te worden omdat er in werkelijkheid nooit iets verkeerd was gegaan. In ECIW staat het als volgt: <Txt 26 V (5)>

“Alleen in het verleden – een oeroud verleden, te kortstondig om een wereld te maken als antwoord op de schepping – leek deze wereld te verrijzen. Zo heel, heel lang geleden, en voor zo’n nietig korte tijdsspanne, dat niet één noot in het lied van de Hemel werd gemist. “

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s