Mijn enige weg is die samen met jou

Toen ik een jaar of 16 was raakte ik al besmet door het verlichtings-virus. Hoe heerlijk zou het zijn om met een vredige, kalme geest door de hectiek van deze wereld te wandelen? Helaas ontdekte ik vrij snel dat die felbegeerde verlichting niet zo makkelijk te bereiken was als een goed cijfer voor een tentamen. Het tegenovergestelde bleek eerder waar: hoe harder ik probeerde verlicht te raken hoe meer spanning ik ervoer. De theorie hierachter was niet erg ingewikkeld. Door hard te proberen maakte ik de illusie van een afgescheiden doenertje alleen maar hardnekkiger. Vervolgens ging ik mijn best doen om niet langer mijn best te doen maar dat is, nogal logisch, al helemaal tot mislukken gedoemd. Ik voelde me als een hond die zijn eigen staart achterna zat.

Ergens begreep ik wel dat die zelfgerichtheid niet echt behulpzaam was en wendde ik me tot het Christelijke geloof.  Het voordeel van je aansluiten bij een Christelijke gemeente is dat, als je het treft, je te maken krijgt met broeders en zusters die tenminste proberen om aardig en lief tegen je te doen. Dat klinkt negatiever dan ik het bedoel, want ik heb ook door en door lieve broeders en zusters ontmoet. Maar toch kan het leven van een Christen blijven hangen op het nadoen van Jezus. De voorganger spoorde ons aan om na te denken over de afkorting “WWJD”, what would Jesus do? Toch weer die focus op “doen”. Het “doel” van het geloof was misschien niet zo gericht op de korte termijn als in mijn verlichtingsperiode, maar ik hoopte toch wel op verhoorde gebeden en op een mooi plekje in de hemel aan het einde van mijn aardse rit.

Een aantal jaren werd ik heen en weer geslingerd tussen het non-duale verlichtingsdenken (Advaita, Satsangs enz) en het duale verlossingsdenken (Baptisten gemeente). Totdat plotseling het kwartje viel en ik zag dat “xxx-denken” me nooit zou bieden wat ik zocht. De relativiteit en de beperkte houdbaarheid van verstandelijke concepten werd in zeer korte tijd heel helder. In feite was dit de verlichting die ik had gezocht en het resulteerde in mijn boekje “Een Christen op Satsang” dat ik in enkele weken schreef. Dit was het dan, meende ik. Het einde van de zoektocht. Het is een inzicht dat ik herken als anderen erover schrijven en ik deel hun blijdschap en opluchting.

Maar toch. Toch merkte ik dat de zoektocht weliswaar ten einde was gekomen, maar dat ‘de vrede die alle verstand te boven gaat’ op zich liet wachten. Ik ervoer het inzicht toch vooral als verstandelijk. Ook in contact met andere mentaal-verlichten merkte ik dat ze het allemaal, net als ik, heel goed konden uitleggen en dat ze niet meer hun heil zochten in allerlei vormen van geloof maar dat ook hun levens niet echt getransformeerd leken. Het Bijbelse: ‘aan de vruchten herkent men de boom’, was van toepassing. De wortel van de ego-boom zat nog diep in de grond en de vruchten van deze boom zijn niet zoet; noch voor de verlichte persoon zelf, noch voor zijn of haar naasten.

De laatste jaren krijg ik dankzij Een Cursus van Liefde(ECvL)  een beter besef wat er aan de hand is. In dit boek wordt veel aandacht besteed aan de noodzaak voor een balans tussen ‘mind and heart’. De gezonde balans wordt aangeduid als ‘wholeheartedness’, heelheid-van-hart. De visies van Bijbel, ECIW en ECvL komen bij elkaar. Ik zie hoe Jezus in de Bijbel de liefde letterlijk handen en voeten geeft. Ik zie dat we de neiging hebben om ECIW te mentaal en zelfgericht te gebruiken. Zo is er vooral aandacht voor eigen innerlijke vrede en te weinig voor het aspect van een wonderbereidheid die is gericht op onze broeders en zusters. En verlossing blijkt toch wat anders dan verlichting. Die mentale verlichting kan vrij plotseling optreden. Maar verlossing is een fenomeen dat ons samen betreft, waarin de (heilige)relatie centraal staat.

We lopen eerder warm voor onze eigen innerlijke vrede dan voor gerichtheid op relatie, verbinding, en vereniging. Tijdens het lezen van genoemde boeken wordt het mij duidelijk hoe zelfgericht ik ben en hoe er slechts langzaam iets van mildheid groeit in mijn hart. Ook in ECIW staat ergens dat het uitzicht op ons ego niet bepaald fraai is. Toch groeit ook, wederom langzaam, de zekerheid dat het deze simpele vriendelijkheid is, deze gerichtheid op mijn broeders en zusters, waar het ten diepste om draait. In ECvL zegt Jezus het zo treffend. Wij zijn lichtelijk teleurgesteld als we erachter komen dat het toch echt neerkomt op liefde. Het woord ‘liefde’ is helaas sleets geworden en absoluut niet mindblowing of sexy. Ik heb geduld te leren. Het geduld om oude karakterpatronen te laten genezen door deze liefde. Totdat ik ten diepste zal beseffen: mijn enige weg is die samen met jou.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s