Verdwaasde broeders bestaan niet?

“Als ik meen een verdwaasde en bange broeder te zien, bijvoorbeeld Poetin, dan zegt dat alleen iets over mijzelf”. Dit was een reactie die ik kreeg naar aanleiding van mijn blog over de oorlog in de Oekraïne. In contacten met medestudenten heb ik deze gedachtegang vaker gehoord. Een vrouw vertelde een keer dat ze was lastiggevallen op straat door een opdringerige man. “Dit zegt slechts iets over jou”, werd haar direct voor de voeten geworpen. “Er is helemaal geen aanvaller, die projecteer jij slechts. Je ziet alleen wat er in jouw binnenste leeft.”

Als je zoiets hoort begin je in eerste instantie aan jezelf te twijfelen. Het klinkt heel erg Cursus-achtig dus dan zal het wel kloppen. Als ik broeder Poetin agressief zie doen dan betekent dit slechts dat ik agressief ben. Huh? Als ik word lastiggevallen dan verbeeld ik me dit in de meest letterlijke betekenis van het woord. Huh?

Bij dit soort halve waarheden merk ik keer op keer hoe behulpzaam de fabeltjes-serie van Robert Perry is om ze te ontzenuwen (zie https://eciwcoach.com/eciw-fabeltjes-2/ ). De volgende fabeltjes zijn op deze situaties van toepassing:

Fabeltje 28. Er is niemand daarbuiten. Er is er maar één van ons hier. “Anderen” zijn slechts mijn eigen projecties.

Er is misschien geen belangrijker thema in de Cursus dan de ware aard van onze broeder als een volmaakt zuivere Zoon van God, die Gods meesterwerk is, die een onschatbare waarde heeft, die onze gelijke is, en die alle zorg en zorg verdient die wij gewoonlijk aan onze speciaalheid besteden: “Alle liefde en zorg, de krachtige bescherming, de gedachte overdag en ‘s nachts, de diepe bekommernis, en de sterke overtuiging dat jij dit bent, horen hem toe.” (T-24.VII.2:7). Het is waar dat lichamen en persoonlijkheden illusies zijn, maar het is moeilijk een idee te bedenken dat meer tegen de visie van de Cursus ingaat dan deze broeder in een illusie te veranderen, niet meer dan een spiegel, louter een projectiescherm.

Hier heb ik eerdere blogs over geschreven. In de filosofie wordt gesproken over “solipsisme”. Het komt er, simpel gezegd, op neer dat alleen “ik” besta en alles wat ik meen te zien zelf bedenk. Dit scheert dicht langs de werkelijke Cursus-visie maar mist één fundamenteel aspect: de waarheid en het mysterie van Gods schepping waarbij er sprake is van broeders en zusters die in wonderlijke eenheid met elkaar verbonden zijn. Er is één Zoonschap, maar dat wil niet zeggen dat ik als klein zelfje de enige zoon ben.

Fabeltje 36. Vergeving heeft niets met de ander te maken. Ik vergeef niet omwille van hen; ik doe het alleen voor mezelf.

In de Cursus is vergeving inherent intermenselijk: door je wrok los te laten, bevrijd je de ander van zijn of haar last van schuld: “Help hem de zware zondelast op te heffen waarmee jij hem beladen hebt en die hij als de zijne heeft aanvaard” (T-19.IV.D.16:5). Vergeving is dus de impuls om zowel onszelf als onze ogenschijnlijke aanvaller te bevrijden.

Als je, zoals bij fabeltje 28 gezegd, gelooft dat alleen jouw kleine zelfje bestaat dan heeft vergeving inderdaad niets met andere broeders en zusters te maken. Maar dat is dus niet zo. Wij mogen verdwaasde broeders als Poetin en de aanrander vergeven. Ik kan nog veel meer fabeltjes citeren maar sluit af met een fabel die wel erg van toepassing is:

Fabeltje 38. Alles is volmaakt. Elke gedachte is volmaakt. Elk gevoel is volmaakt. Als ik denk dat iemand een fout heeft gemaakt, heb ik een oordeel. Het is allemaal goed. Hitler was gewoon zijn perfecte functie aan het vervullen.

Het is waar dat de Heilige Geest alles kan gebruiken voor Zijn doel. Zelfs onze fouten worden door Hem omgezet in leermomenten. Maar we maken wel fouten, fouten die in de kern uitingen zijn van kwetsende bedoelingen (“Niemand valt aan zonder de bedoeling te kwetsen”-W-pI.170.1:1). Verder wijst de Heilige Geest alleen functies toe die iedereen ten goede komen. Wat Hitler deed was een verwerping van wat zijn ware toegewezen functie ook was.

Zie je het? Wat Poetin en de aanrander deden was “een verwerping van hun ware functie”. En dit mogen we gerust constateren. Ergens is er een persiflage van de Cursus ons denken binnen geslopen. Als je goed kijkt dan kun je zien dat het ego hier aan het werk is. Wat is het ultieme ideaal van het ego? Dat de afscheiding compleet is, dat alleen het kleine zelfje bestaat dat als godje alles zelf bedacht zou hebben (zie solipsisme). De boomrang die we in onze nek geworpen krijgen als we ook maar iets zeggen over “een ander”, getuigt van geloof in solipsisme en niet van het ervaren van de wonderlijkheid van Gods schepping. Het is hetzelfde nare geloof dat niet bereid is om anderen te helpen omdat er geen andere zouden zijn. Het is de totale afscheiding in plaats van de totale verlossing.

We mogen het “beestje” best bij de naam noemen. Poetin en de aanrander gedragen zich als verwarde broeders. Onze ware opdracht is niet om hen af te doen als privé-hallucinaties. Onze opdracht is om niet te geloven in werkelijke zonde, om te vergeven en te kijken hoe we werkelijk behulpzaam kunnen zijn om aan alle broeders en zusters het wonder aan te bieden.

Advertentie

Een gedachte over “Verdwaasde broeders bestaan niet?

  1. Rina

    Ik ben zo blij met jouw/uw berichten, ik vind ze helder en duidelijk.
    En we mogen inderdaad zien wat de ander doet, leuk of niet leuk. Alleen hoe kijken we er naar. Veroordelen we het, maken we het speciaal, welke emoties en gevoelens hebben we er bij. Daar gaat het om, dat we daar naar kijken.
    Wat aan het licht komt in ons zelf maakt weer een stap dichterbij de waarheid. En ervaren we vrede .

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s