
Hoe vaak gebeurt het niet dat een ander niet doet wat ik wil? “Die ander” kan een persoon zijn maar ook een instantie, een situatie of zelfs mijn eigen lichaam. Maar laat ik me voor de helderheid even beperken tot een andere persoon of instantie en een thema dat bij mij telkens weer de aandacht vraagt: de ander of die instantie geeft me niet het geld waar ik recht op meen te hebben. Vooral de overheid en verzekeraars zitten dan in mijn doelgroep.
Na bijvoorbeeld 30 jaar trouw een premie te hebben betaald doe ik eindelijk een keer een beroep op een verzekering. De contactpersoon staat me vriendelijk te woord en men zal mijn zaak gaan bestuderen. Het moet gezegd worden; ik krijg snel antwoord zelfs met citaten uit mijn eigen polis die ik destijds natuurlijk niet zorgvuldig genoeg gelezen heb. Helaas, helaas; men begrijpt dat het teleurstellend voor me is maar betaling zit er niet in want de kwestie wordt in de polis nadrukkelijk uitgesloten van vergoeding.
Ik kan nog net de uiterlijke beleefdheid opbrengen om mijn naïviteit te erkennen en vriendelijk te blijven. Toch knarsen mijn tanden en vermenigvuldig ik eens voor mezelf het aantal maanden dat ik verzekerd dacht te zijn met de premie die ik per maand betaal. Groot onrecht wordt mij aangedaan, meen ik. En dan nu de Cursus les van vandaag.
WB 266: Mijn heilig Zelf woont in jou, Zoon van God.
Ik nodig je uit om met me mee te voelen en iemand in het vizier te nemen die simpelweg niet doet wat jij wilt terwijl jij toch overduidelijk gelijk hebt. Heb je iemand in gedachten? Probeer het dan maar eens om met gemeende eerlijkheid dit tegen deze persoon te zeggen: “Mijn heilig Zelf woont in jou, zoon van God”. Merk je het? Die weerstand? Wat zou je zeggen als je echt eerlijk zou zijn? “Ik baal van jouw gedrag, lelijke bal gehakt!”. Zoiets? Vervolgens merk ik dat ik overtuigd ben van mijn gelijk en dat mij groot onrecht wordt aangedaan. Ik zoek erkenning bij mensen die mij gelijk moeten gaan geven en met me mee willen huilen. “Och ja, heb ik ook. Boeven zijn het die verzekeraars, zakkenvullers”. Samen boos zijn is nog fijner voor me.
Terug naar de tekst van de werkboekles. Ik herhaal deze in gedachten terwijl ik aan mijn doelwit denk en ervaar grote weerstand. Ik wil gewoon vasthouden aan mijn oordeel, aan mijn gelijk en aan mijn woede, hoe beleefd ik alles ook onder een milde glimlach probeer te verstoppen. De Cursus leert me dat dit mijn verborgen keuze is voor een gevoel van afgescheidenheid dat ik koester. Ik wil dus gelijk hebben en boos blijven om me lekker afgescheiden en een hard ikje te kunnen blijven voelen. 99% tegen mijn zin in nodig ik de Liefde, de Heilige Geest uit om met me mee te kijken. Wat een weerstand ervaar ik nu. Ik schenk dat kleine procentje vertrouwen en blijf kijken en wachten. En dan gebeurt het wonder en gaat het ijs langzaam smelten. Ik krijg zicht op die verborgen keuze; ik doe deze woede mijzelf aan. Ik begin te zien hoe die ander “mijn verlosser” kan zijn. In die ander zie ik mijn eigen krampachtige hebzucht weerspiegeld en ik erken deze als onze angst waar we ons aan vastklampen. Dan gebeurt het onverklaarbare; de hardheid verdwijnt langzaam, mildheid doet haar intrede en een onverklaarbare rust begint mijn hart te verwarmen.
Vandaag betreden we het Paradijs, terwijl we Gods Naam en die van ons aanroepen en ons Zelf in ieder van ons erkennen, verenigd in Gods heilige Liefde.
De oorlogsretoriek van Trump maakt een oude belangstelling van me wakker voor voorspellingen over apocalyptische gebeurtenissen in de zogenaamde eindtijd. Zowel in de Bijbel als door Nostradamus wordt gesproken over het klinken van de trompet bij het begin van allemaal ellende. Trump, trompet?
Gisteren woonde ik een doopdienst bij. Mijn eenentwintig jarige lieve dochter werd gedoopt door onderdompeling. Het is een prachtig en ontroerend ritueel. De dopelingen hadden familie en genodigden meegenomen en de voorganger deed zijn best om de dienst een uitnodigend en evangelisch karakter te geven. De sympathieke man sprak geïnspireerd en bewogen. Ik merkte hoe de liefde van de Heilige Geest zich door hem heen uitstrekte naar alle mensen in de zaal.




