Jouw echte Wil

We proberen door de Cursus toe te passen iets te bereiken. We willen minder lijden, ons liefdevoller voelen of verlichting bereiken. Vul je eigen wensen hier maar in. Niet iets om ons schuldig over te voelen en we hebben er in ieder geval lucht van gekregen dat er meer is dan onze beslommeringen in de wereld. We hebben een vermoeden gekregen dat wat we zien en meemaken beperkt is. Er moet toch meer zijn?

Binnen de illusie die we menen gemaakt te hebben weten we wat we moeten doen als we iets moeilijks willen bereiken. Voor een goede baan moeten we hard studeren en werken. Voor grote sportprestaties moeten we keihard trainen. Het kost bloed, zweet en tranen en we hebben respect voor mensen die het via deze weg ver schoppen. Deze aanpak zit zo diep in ons verankerd dat we hem ook hanteren om van de Cursus een succes te maken. We zien het als een pittig proces waarin we nog veel te leren hebben.

En dan zegt deze les (329): ‘ik heb al gekozen wat U wilt’. Dit lijkt een beetje uit het niets te komen. In eerste instantie herkennen we dit niet echt want we hebben er nog weinig gevoel bij. Maar de les biedt ons een heerlijke zegen door, zoals zo vaak in de Cursus, alles op z’n kop te zetten. Wij denken dat we veel te doen hebben maar het is al volbracht. We hoeven liefde niet te bereiken omdat we liefde zijn. We zijn nooit vertrokken uit onze veilige woning. We dromen een nare droom waarin we van alles meemaken en druk aan het zwoegen zijn en er zit een lieve Vader naast ons bed die zegt ‘word maar wakker, je bent in je veilige huis, het was maar een nare droom’.

Maar wat als we dit nog niet helemaal, of misschien zelfs helemaal niet, ervaren? Dan zijn er vergevingsoefeningen om ‘klein’ te beginnen. Wat mij bijvoorbeeld helpt is om me niet af te zetten tegen een stomme uitspraak of vervelend gedrag van een ander maar om me er eens mee te verbinden en dan te vergeven. Dus in plaats van ‘ik veroordeel die arrogante houding van jou’ contact te maken met ‘ik vergeef deze arrogante houding in MIJZELF’. Je kunt dan opmerken dat er direct protest komt waarbij je deze nare eigenschappen buiten je wilt houden. Dit illustreert je geloof in verschillen in binnen en buiten, ik en de ander en je geloof in de echtheid van nare eigenschappen. Blijf hier bij en kijk nog eens op een liefdevolle en vergevende manier. Dat kleine rare, lichte gevoel van vergeving dat nu schuchter om de hoek komt kijken dat mag je vertrouwen. Daar gaat het om. Het zal zeker groeien als je je hieraan telkens weer overgeeft want het is jouw natuurlijke Wil om gelukkig en vredevol te zijn. Jouw echte Wil is altijd deze Liefde geweest en een andere wil is er niet.

WB329: Vandaag zullen we onze eenheid met elkaar en onze Bron aanvaarden. We hebben geen wil los van die van Hem, en we zijn allen één omdat Zijn Wil door ons allen wordt gedeeld. Door deze beseffen we dat we één zijn. Door deze vinden we eindelijk onze weg naar God.

Autonomie

Wat een mooi thema. Lees eerst eens even mee in WB328 als je wilt: ‘Het lijkt alsof we alleen autonomie kunnen verwerven door ons streven afgescheiden te zijn, en dat onze onafhankelijkheid van de rest van Gods schepping de manier is waarop verlossing wordt bereikt’. Dit is dus de ego-versie van het streven naar onafhankelijkheid. We trekken ons terug in de denkbeeldige bunker van een “ik-gevoel” waar we hopen onkwetsbaarheid te vinden. Het ontgaat ons dat deze neiging slechts een denkbeeldig ik creëert en daarmee juist een gevoel van kwetsbaarheid.

Dan horen we van de Cursus. We leren dat de gevaren die we buiten ons menen te zien slechts door ons geprojecteerd zijn. We projecteren een lichaam, andere mensen en de buitenwereld zodat we onszelf opgesloten kunnen blijven voelen in die veilige bunker. Dit is een mooi en bruikbaar inzicht. Als we dit echt voor 100% zouden zien en werkelijk aanvaarden dan zou dit het einde van de bunker betekenen en daarmee direct het einde van ons ‘veilige’ ego. Die stap voelt te groot. We willen ons niet overgeven maar ergens de touwtjes nog in handen houden. Een gebruikelijke aanpak is om Cursus-teksten te gebruiken als een soort tranquillizers tegen nare gevoelens. We menen dat we overmeesterd worden door gevoelens van pijn, angst, boosheid en verdriet en proberen vooral deze nare gevoelens kwijt te raken met behulp van de Cursus. Is dit dan fout? Nee! Het kan juist liefdevol zijn om zo de angst stapsgewijs af te bouwen en de Cursus vraagt ons ook niet om (voor ons gevoel) in één keer in de afgrond van Liefde te duiken. Maar de uitnodiging is om uiteindelijk te zien wie we hierbij nog even op de eerste plaats blijven zetten; ons denkbeeldige ik dat zich nu iets prettiger voelt. Het is een opmaat om uiteindelijk het roer helemaal uit handen te geven aan Hem. En dan zullen we zien dat er helemaal niemand is en ook geen roer om uit handen te geven: ‘ er is naast Zijn Wil geen tweede’. Mediteer hier eens op: Er is naast Zijn Wil geen tweede.. Wow!

WB328:
Er is geen andere wil dan die van U. En ik ben blij dat niets wat ik me voorstel, in tegenspraak is met wat U wilt dat ik ben. Het is Uw Wil dat ik volkomen veilig ben, en eeuwig in vrede. En met vreugde deel ik die Wil die U, mijn Vader, mij als deel van mij gegeven hebt.

Wie horen wil zal voelen

De Cursus doet stevige uitspraken. Hoewel het leersysteem van een bovenaardse wijsheid getuigt is van een rustige opbouw nauwelijks sprake. Ze valt direct met de deur in huis met zinnen als ‘niets werkelijks kan bedreigd worden’. Wij zien overal bedreigingen dus wie iets verder kijkt dan zijn of haar neus lang is zou zich direct te pletter moeten schrikken. Bij de Werkboeklessen gaat het er ook niet bepaald zachtzinnig aan toe. Les 1: ‘Niets wat ik deze kamer [in deze straat, uit dit raam, op deze plek] zie betekent iets.’ Dat is nog eens een lekkere binnenkomer.

Wel heerlijke materie om mee aan de slag te gaan. De Cursus vraagt slechts een open houding, geen blind geloof. Ze stelt dat ze geen nieuwe universele theologie wil brengen maar wel een universele ervaring en dat is prettig. We hoeven haar niet te geloven op haar mooie blauwe omslag. Wat we wel mogen doen is het gewoon eens overwegen en de Werkboeklessen doen. Inzicht uit het Tekstboek en ervaring die we mogen opdoen met de Werkboeklessen gaan hand in hand. Ze versterken elkaar en vullen elkaar aan, een Goddelijke synergie. WB327 zegt het ook zo mooi: ‘Er wordt mij niet gevraagd om verlossing aan te nemen op grond van een ongefundeerd geloof. Want God heeft beloofd dat Hij mijn roep zal horen en mij Zelf antwoord geven. Laat me slechts op grond van mijn ervaring leren dat dit waar is, en vertrouwen in Hem zal zeker tot me komen.’

Voor mij blijft ‘eerlijkheid’ een belangrijk thema. Geloof ik de waarheid van de Cursus slechts of ervaar ik het echt? Sta jezelf toe dingen niet direct te zien en ga met je vragen, verontwaardiging, angst en boosheid naar Hem. Ons oude Bijbeltje zei het weliswaar wat moralistisch maar ook heel mooi: belijd je zonden en Hij is getrouw om deze te vergeven. Vrij vertaald richting de Cursus: geef eerlijk toe hoezeer je overtuigd bent van je gevoel van afscheiding, breng het bij de Liefde en ervaar het wonder van vergeving.

WB327: Vader, ik dank U dat Uw beloften in mijn ervaring altijd zullen worden ingelost, als ik ze maar uitprobeer. Laat me daarom proberen ze te beproeven en ze niet te beoordelen. Uw Woord is één met U. U schenkt de middelen waardoor overtuiging komt en de zekerheid van Uw blijvende Liefde eindelijk wordt verworven.

Zoals God ons geschapen heeft

God heeft ons geschapen. Herinneringen uit de godsdienstles op de lagere school komen naar boven. God die de mens in elkaar boetseert en hem door lucht in te blazen tot leven wekt. Daarna gaan we in het paradijs lelijk de fout in en wordt ons lichaam sterfelijk. Zo letterlijk zullen we het nu niet meer nemen maar nog steeds sluimert het idee dat God ons precies heeft gemaakt en gewild hoe we nu zijn in onze schijnbaar specifieke vorm. Hij zou ons een specifiek lichaam gegeven hebben met een bepaald temperament en bepaalde karaktereigenschappen. En vanuit deze speciaalheid gaan we weer op zoek naar de Liefde. We willen een liefdevoller mens worden.

Het is prachtig als we wat vriendelijker en zachtaardiger worden maar de horizon ligt verder weg. Via vergevingslessen daagt het besef dat alle verschillen die we menen te zien tussen onszelf en anderen niet bestaan. Grenzen vervagen en Liefde gaat stromen. We gaan zien dat er geen rangorde in illusies bestaat. Ik ben niet beter dan jij omdat ik me beperk tot schelden en je niet fysiek aanval. Qua vorm verschilt dit wel degelijk en moeten we hiermee zien te dealen binnen de illusie. Maar qua inhoud is het allemaal hetzelfde zwartepieten met schuldgevoelens. Wie is het slachtoffer en wie de schuldige? Dat houdt ons bezig. Het antwoord? Niemand. We zijn nog steeds zoals God ons geschapen heeft. Geen grenzen, geen goede versus slechte mensen. In de illusie: jawel. In werkelijkheid: nee. We mogen leren onze blik te vestigen op de Waarheid. We kijken met de Heilige Geest naar onze neiging om onszelf of anderen te veroordelen. Kijk wat dit oordelen met je gevoel van vrede doet. Neem niks van mij aan. Kijk wat het met je doet als je mij of iemand anders een zeurpiet vindt. En als je dat jezelf niet langer wilt aandoen dan kies je opnieuw. Kijk naar wie jij bent, wie die ander is als je de projecties niet langer serieus neemt. Zie liefde en zie verschillen wegsmelten.

WB326: Laten we vandaag het verdwijnen van de aarde gadeslaan, eerst getransformeerd, om dan, vergeven, volledig op te gaan in Gods heilige Wil.

Klassiek geweld

Gisteravond werd de Messiah van Handel uitgevoerd door het Oratoriumkoor Heiloo in de fraaie Cultuurkoepel. M’n lieve partner Eva zingt mee dus ik was van de partij. Het werd een indrukwekkende uitvoering bedoeld als een lofzang aan God. Het ontzag voor Zijn macht en liefde klinkt door in de muziek en bereikt een hoogtepunt in het indrukwekkende ‘Halleluja’. Ik merkte echter dat ik met regelmaat bleef haken aan de tekst. ‘Door Zijn striemen worden wij genezen. Voor de zonden van uw volk werd Hij geslagen.’ Het bereikte voor mij een dieptepunt toen de tenor op indrukwekkende en dreigende manier over tegenstanders van God zong:’ Hij die woont in de hemel zal hen uitlachen, de Heer zal met hen spotten. gij zult hen breken met een ijzeren staaf; gij zult hen in stukken slaan als een aarden kruik’. Dit beeld kwam me bekend voor. Ongelovigen die moeten sterven, mensen die dit nastreven en zich er zelfs in verheugen. ‘Alleluja, het koninkrijk van deze wereld is het koninkrijk geworden van onze Heer en Zijn Christus’. Tja.

Ik hoorde geen lofzang op God maar de agressie van het ego. Macht, daders, wraak, bloedvergieten en stukslaan van lichamen van tegenstanders. Lees dan eens met me mee in WB 325: ‘wat ik zie weerspiegelt een proces in mijn denkgeest, dat begint met mijn idee van wat ik wil. Van daaruit bedenkt de denkgeest een beeld van wat hij verlangt, van waarde acht en daarom probeert te vinden. Deze beelden worden dan naar buiten geprojecteerd, gezien, als werkelijk beschouwd en als eigendom bewaakt.’

Herkenbaar. Ik had een les te leren en bracht de wraaklust die ik hoorde in de muziek, de beelden van terroristische aanslagen gedaan in de naam van God en mijn eigen oordelen over dit alles naar Hem. Heer, zie ons aan. Zie hoe we projecties maken van schuld en wraak en hoe deze het Licht verduisteren waar we zo intens naar verlangen. Leer ons dat Uw Liefde niet geboren wordt uit bloedvergieten. Help ons om het juiste te vragen aan Uw; geen wraak maar het verwijderen van wraakgedachten uit onze denkgeest. Dank U dat U Liefde bent en dat U ons allemaal gemaakt hebt naar Uw evenbeeld.

WB325: Onze Vader, Uw ideeën weerspiegelen de waarheid, en de mijne brengen los van die van U alleen maar dromen voort. Laat me zien wat alleen de Uwe weerspiegelen, want die en die alleen bepalen de waarheid.

Als een kind

Wij vinden het een teken van karakter, van kracht als iemand precies weet wat hij wil. Zonder doel kom je nergens. Als je een leidinggevende positie bekleedt dat ben je goed bezig. We hebben sterke leiders nodig. En binnen de illusie is er weinig mis met deze dingen. Maar moet je eens horen hoe WB324 klinkt: Ik volg slechts, want ik wil niet de leiding. Daar zou ik eens mee moeten aankomen in het bedrijf waar ik werk. Zo’n uitspraak wordt gezien als een zwaktebod. Ik zou aangemerkt worden als een visieloze angsthaas.

Maar zoals zo vaak in de Cursus geldt hier het omgekeerde. Het is juist uit angst dat wij menen dat we als sterk ikje door het leven moeten. We willen van alles van anderen en van de omstandigheden in de wereld, juist omdat we bang zijn de grenzeloosheid van liefde te ervaren. Het vergt eerlijkheid en een zeker moed om te zeggen ‘Heer, hier ben ik dan. Ik snap er niks van en zit mezelf in de weg. Doet U het alstublieft voor me. Neem de leiding, ik geef me over’. Wat staat dit mijlenver af van wat gewaardeerd wordt in onze maatschappij. Maar wat ben ik dankbaar dat ik nu Zijn Hand mag pakken en me als een kind door mijn Vader mag laten leiden.

WB324: Laten we dus Iemand volgen die de weg kent. We hoeven niet te talmen en we kunnen niet afdwalen van Zijn liefdevolle Hand voor langer dan een ogenblik. We gaan samen onze weg, want we volgen Hem. En Hij is het die de afloop zeker stelt en een veilige thuiskomst waarborgt.

Bang voor liefde?

We reageren dikwijls verbaasd als we in de Cursus lezen dat we bang zijn voor liefde. Dat kan toch niet waar zijn? We verlangen toch juist naar liefde? We vinden het heerlijk als we verliefd zijn. Er zijn duizenden films gemaakt over de liefde om over het aantal muziekstukken maar te zwijgen. Kort gezegd; die angst voor liefde is niet iets waar we gemakkelijk feeling mee krijgen. Is het dan zo belangrijk om ons met deze angst bezig te houden? Jazeker, super belangrijk. Het gaat hier over één van de belangrijkste thema’s van de Cursus. Het is niet zomaar een gek ideetje. Deze angst is de basis voor de wereld die we menen te zien.

Nu even kort door de bocht. Als er iets bijzonder heftig is voor ons ikje dan is het wel de angst om het gevoel van afgescheidenheid kwijt te raken. En raad eens? Dit is exact waar het bij het ontdekken van liefde om gaat. De totale overgave aan de grenzeloosheid van liefde, van God, van wat jij en ik ten diepste zijn. Want wat blijft er van ons over als we ons niet langer afgescheiden voelen? Daar kunnen we ons niks bij voorstellen en dat maakt het dus zo beangstigend.

Om die angst voor het grenzeloze te ontlopen hebben we een dwaas idee voor waar aangenomen. Het idee dat we afgescheiden zijn in een lichaam met andere mensen en de wereld aan de andere kant. Wat wij in de door ons bedachte wereld ‘liefde’ noemen is een dualistisch en voorwaardelijk gebeuren. We houden van die ander zolang die denkbeeldig afgescheiden persoon doet wat we plezierig vinden. En als die dat dan doet, dan is er angst dat er een einde aan komt. De Cursus noemt dit de ‘speciale liefdesrelatie’. Wij denken dat het woord ‘speciaal’ positief bedoeld is maar dat is een vergissing. ‘Speciaal’ staat in de Cursus voor beperktheid, voor vorm. Schuldgevoelens en oordelen spelen een hoofdrol in onze speciale relaties ook al hebben we dat niet vaak in de gaten.

Dan het goede nieuws. We kunnen oog krijgen voor de beelden die we projecteren. We kunnen opmerken dat ons onwankelbare geloof in deze beelden die we zelf projecteren ons een gevoel van afgescheidenheid geven. Daarom doen we het immers. Maar we kunnen van deze situatie een leerschool maken. Want als we het kijken naar die beelden aan HEM overlaten dan vallen onze beelden over anderen en de wereld weg en is een echte ont-moeting mogelijk. Dit is vergeving en we ervaren hierin het wonder van verbinding, liefde, eenheid. Via deze wondertjes leren we dat we niet dood gaan in de ontstane openheid. Integendeel; er is dan sprake van het stromen van liefde binnen een heilige relatie.

WB323: We worden niet langer misleid. Liefde is nu tot ons bewustzijn weergekeerd. En we zijn opnieuw in vrede, want angst is verdwenen en alleen de liefde blijft.

Geen beeld van jou

Als wij naar andere mensen kijken dan zien we lichamen, gezichten, karaktereigenschappen en beelden uit het verleden. Op basis hiervan denken we dat we die ander ‘kennen’. Oh ja, die ken ik wel, dat is dat eigenwijze kereltje. Is dat niet dat mens dat altijd zo zanikt? En zo hebben we van iedereen een beeld, inclusief van ons zelf.

We weten dat we van God geen beeld kunnen hebben. God is één en boven iedere beschrijving verheven. Woorden schieten te kort voor Hem. Maar waarom schieten onze woorden dan niet te kort voor elkaar en voor onszelf? Waarom weten we dat we geen beeld van God kunnen hebben maar zitten we vol beelden van elkaar? We projecteren lichamen, gezichten en karaktereigenschappen op mensen en bedekken zo in onze beleving het Licht in hen en in onszelf. We maken op deze manier tastbare mensen met bepaalde eigenschappen. Mensen waarmee we speciale haat- en liefdesrelaties kunnen aangaan, mensen door wie we ons bedreigd voelen en mensen waarvan we denken dat ze ons gelukkig gaan maken.

Maar kan ik naar jou kijken zonder beeld? Dat lijkt een lastigere opgave dan het opgeven van een wat al te antropomorf Godsbeeld. God kun je immers sowieso niet zien maar we twijfelen geen seconde aan onze zintuigen. Maar houd je vast, de Cursus leert ons dat onze eigen zintuigen gemaakt zijn om een droom te creëren. Ze schetsen ons een beeld van ons lichaam in een buitenwereld om ons te verleiden hierin te geloven. Door dit geloof voelen we ons veilig afgescheiden; ik contra de rest. Kan ik al deze projecties naar Hem brengen zodat vergeving kan plaatsvinden? Wat gebeurt er als ik deze droom niet langer geloof, als ik opgeef wat nooit werkelijk was?

WB322: En iedere droom dient alleen om het Zelf te verhullen dat Gods enige Zoon is, Zijn evenbeeld, de Hoogheilige, die nog steeds voor eeuwig in Hem verblijft, zoals Hij nog steeds in mij.

Bron van onze vrijheid

De dagen zijn kort, donker en regenachtig. We worden overspoeld met beelden die getuigen van oorlog, terrorisme, angst en geweld. Het benauwt ons en we kunnen ons hierdoor machteloos gaan voelen. We lijken gevangen in een spiraal van bloedvergieten. We zien dat onze politieke leiders hun best doen om de crisis te bezweren. Ik zie binnen de illusie ook geen makkelijke uitweg. Meer geweld en meer oorlog zullen in de wereld die we menen te zien nooit de vrijheid en vrede brengen die we zo wanhopig zoeken. Dit komt namelijk slechts neer op het verlenen van werkelijkheidswaarde aan onze eigen projecties. De kern van het ‘probleem’ ligt niet in een wereld buiten ons. De oplossing dus ook niet.

Luister eens naar de Werkboekles van vandaag (321): Vader, mijn vrijheid is in U alleen. De les is als een baken in de duistere nacht. Zo mooi, vol hoop en liefde. Let eens op hoe dikwijls heel teder het woord ‘Vader’ klinkt. We hebben gisteren één minuut stilte genomen uit solidariteit met de slachtoffers. Maar lieve broeders en zuster, laten wij in deze duistere tijden veel vaker stil zijn en alle leed, angst en agressie uit onze denkgeest naar het Licht brengen. Laten we toegeven dat we ons vergissen en dat we geen flauw benul hebben van het stichten van vrede. Pas dan mogen we met lege handen bij onze Vader komen en weten dat we Hem altijd kunnen vertrouwen. Hij is de enige echte bron van vrijheid. Hij wijst ons de weg naar Zijn licht, naar de Liefde die we ten diepste zijn.

WB321: Vandaag antwoorden wij namens de wereld, die samen met ons zal worden bevrijd. Hoe blij zijn we onze vrijheid te vinden via de zekere weg die onze Vader heeft vastgelegd. En hoezeer is de verlossing van heel de wereld verzekerd, wanneer we leren dat onze vrijheid alleen gevonden kan worden in God.

Ik volg de mij aangewezen weg.

Dit vatten we snel wat te letterlijk op. We denken dat het gaat om allerlei keuzes die we moeten maken binnen de denkbeeldige wereld waarin we lijken te leven. We vragen ons af of we bij onze partner moeten blijven of juist niet. Of we van baan moeten veranderen. Misschien moeten we wel de boel de boel laten en ons helemaal op de Cursus storten? En als de Cursus dan spreekt over een speciale plaats en een rol voor ons alleen dan voelen we ons een beetje trots worden. Uitverkoren en speciaal. Jawel, we hadden het altijd al vermoed, we hebben een speciale missie! Doorvoel even wat die gedachten met je doen. Als je het ego wat voelt opzwellen dan weet je dat er wat aan de hand is. Zeker als we ons een beetje superieur gaan voelen vanwege die speciale rol die ons is toebedacht.

Maar wat wordt er dan wél met die weg bedoeld? Onze bekende weg is het veroordelen van anderen of de buitenwereld. Ik voel me beroerd en dat komt door jou, door het slechte weer, door de fiscus of door het griepvirus. Dát daar buiten me is de dader en ik ben het slachtoffer. Dit is een brede weg die we graag gaan. We zijn dit zo gewend dat we dat hele smalle weggetje de andere kant op niet zien. Het weggetje van zijn Liefde. In alle ogenschijnlijk verschillende omstandigheden van ons leven is er in feite maar één keuze, één Goddelijke weg die echt is. Dat is de keuze om niet te geloven in de eindeloze keuzes binnen de door ons geprojecteerde wereld. Het is de keuze voor de weg die ons uit de bunker van ons ego weg leidt. We gaan naar buiten, zomaar de zon in. Dit is nieuw en vreemd voor ons want we moeten het geloof in onze opvattingen en gevoelens los laten. We weten hier de weg niet maar we blijken een Gids te hebben. En ja, die wijst ons heel persoonlijk, intiem en liefdevol onze weg. Misschien niet de kant op de we zelf zouden bedenken. Maar wel de beste weg die we maar kunnen kiezen; recht Zijn armen in.

WB 317: Vader, Uw weg kies ik vandaag. Waar die me heenleidt, verkies ik te gaan; wat die me wil laten doen, verkies ik te doen. Uw weg is zeker en het eind staat vast. De herinnering van U wacht mij daar op. En al mijn verdriet eindigt in Uw omarming, die U beloofd hebt aan Uw Zoon, die ten onrechte dacht dat hij van de veilige bescherming van Uw liefdevolle Armen was afgedwaald.